
Crooswijk – Waar het hedendaags nog wemelt van de woonlasten, klachten over de woningbouwcoöperaties. Schimmels, hoge huur het is eigenlijk nooit goed wie ook maar wat doet of gaat doen, iets Crooswijks ? De Redactie gaat de komende weken met u de geschiedenisboeken in en gaan met u terug naar een Crooswijk van eenennegentig jaar terug…
Op maandagavond 9 juli 1934, de dag dat de Jordaan oproer ten einde kwam werd het steeds onrustiger in Crooswijk, de protesten kreeg een ernstig karakter. In de straten werd van huisraad, planken en stenen uit de straat, barricades opgeworpen.
Wanneer de politie in een van de straten deze barricades wil opruimen, wordt er vanaf de daken op de agenten geschoten. Toen was Crooswijk beruchter als nu, maar het klinkt niet echt vreemd of je hebt erg veel boter op je hoofd. Het enigste verschil van toen en nu, dat waren Crooswijkers.
Dinsdag 10 juli 1934 wordt met behulp van het leger geheel Crooswijk afgegrendeld. Op de daken werden agenten en soldaten geplaatst. Op de toegangswegen stonden militairen met spandoeken, met het opschrift “STRAAT ONTRUIMEN. ER ZAL GEWELD WORDEN GEBRUIKT” Zo werden de Crooswijkers geïnformeerd!

Enige schoten worden gelost, waarbij een 75 jarige vrouw dodelijk wordt getroffen, een git zwarte bladzijde voor Crooswijk. Dit hoofdstuk heet Straat ontruimen en lijkt te komen als een citaat uit de krant van nu, maar afkomstig uit de archieven van de Rotterdamse Politie uit het jaar 1934.
Hoe extremer, zijn de levensomstandigheden van Crooswijkers toen te vergelijken met die van nu. Opvallend is weinig aandacht het oproer van ’34 destijds in de kranten kreeg. Rotterdamsch Nieuwsblad en Voorwaarts ( de voorganger van Het Vrije Volk) doen de akties bijna af als kleinigheidjes.
Aktievoerders zijn synoniem aan kommunisten, oproerkraaiers en relschoppers. Een krant als de Voorwaarts (die toch een arbeiderskrant heette te zijn} had geen enkel begrip voor de situatie waarin de Crooswijkers verkeerde, en veroordeelde de akties voor de volle honderd procent.
Niks oproerkraaiers! Het waren gewoon mensen uit de wijk, mevrouw Kuchenbecker staat 1934 nog goed bij. Het was net de oorlog, precies zo… Je mocht niet meer naar buiten. We hadden toen z’n avondklok, ik geloof dat je om acht uur binnen moest zijn. Als je hoofd buiten het raam stak , werd er direkt geschoten.

De akties van toen waren niet georganiseerd, dat hoefde ook niet. Als je buren naar buiten stapte, ging je er achteraan.
Typisch Crooswijk is dat…
En we hadden het arm toen! We moesten het vet van de tafel schrappen. Als er twee huizen verderop een goedkopere woning was, pakte we gelijk onze spullen en verhuisden. Hoewel het daar niet echt beter was. Mevrouw Kuchenbecker had gelijk. Ze zou nog een halve eeuw moeten wachten op een betere woning…
(De citaten zijn letterlijk overgenomen van de originele geschreven teksten, de redactie)
Bron: Wijkorgaan Crooswijk
Next: Werken, niet zeuren…